Parapluutje, parasolletje: proeven van systeemdenken

Parapluutje, parasolletje is een werkvorm uit ‘Methode systeemdenken, een denk- en werkwijze voor het basisonderwijs’. Een boek met 40 lessen er meer dan 50 werkvormen om in je klas met systeemdenken te beginnen. Je kan deze werkvorm ook gebruiken om rond de actualiteit te werken in je klas.

Doelgroep: oudste kleuters tot derde graad lager onderwijs

Doel:

ervaren dat één gebeurtenis soms meerdere oorzaken en gevolgen kan hebben

Voor je begint:

Zorg voor een paraplu, blanco papiertjes in de vorm van druppels en een plastic zak. Scheur de zak open en leg hem op de grond. Dit stelt de plas onder de paraplu voor.
Teken of schrijf een gebeurtenis duidelijk leesbaar op een blad en kleef dat blad op de stok van de paraplu.

Laat een leerling tijdens deze oefening de paraplu vasthouden boven de plas.

Werkvorm:

Vraag de kinderen hoe het komt dat de gebeurtenis op de stok van de paraplu gebeurd is. Elke oorzaak schrijf je op een druppel en kleef je op het scherm van de paraplu.

Vraag de kinderen wat er na afloop van de gebeurtenis zou kunnen gebeuren. Elk gevolg schrijf je op een druppel en leg je in de plas.

Reflectie:

Vraag aan de kinderen hoeveel druppels ze tellen op het scherm van de paraplu. Vraag hetzelfde voor de plas. Bedenk een andere gebeurtenis en vraag welke druppels ze hiervoor kunnen bedenken voor het scherm van de paraplu. Vraag of er ook druppels in de plas zouden liggen. Besluit dat vele gebeurtenissen op de stok van de paraplu  kunnen samengaan met veel verschillende druppels, zowel op het scherm van de paraplu als in de plas.