Achtergrondinformatie voeding

1. Informatie over Brazilië:

Simon komt uit Brazilië, een federale republiek in Zuid-Amerika die officieel República Federativa do Brasil heet. De totale oppervlakte van het land bedraagt 8.511.965 km². Brazilië is daarmee 280 keer groter dan België, het vijfde grootste land op de wereldbol, goed voor bijna de helft van het Zuid-Amerikaanse continent. Het Amazonegebied beslaat een heel groot deel van dit land.

De belangrijkste economische activiteiten in het Amazonegebied zijn de veeteelt, de mijnbouw en de – vaak illegale – houtproductie. Door al deze economische activiteiten dreigt er een kaalslag in het Amazonegebied die zijn weerga in de wereldgeschiedenis niet kent. Van de “longen” van de wereld is waarschijnlijk in relatief korte tijd al tussen de tien en vijftien procent verdwenen. Eind jaren tachtig verdween er per jaar 21.500 km² regenwoud per jaar.

Bron: http://www.landenweb.net/Brazilie

2. Plantaardig en dierlijk voedsel:

De vraag ‘waar komt ons voedsel vandaan?’ kun je eenvoudig beantwoorden met: van een plant of een dier. Al ons voedsel is plantaardig of dierlijk, of een combinatie daarvan, al is dat vaak niet meer te zien. Slechts bij enkele producten, zoals groenten en fruit, is dat nog duidelijk zichtbaar. Het meeste voedsel wordt zo bewerkt dat van de oorspronkelijke plant of het oorspronkelijke dier niets meer herkenbaar is. Sterker nog, er komen steeds meer producten waarvan amper nog te achterhalen valt waar ze vandaan komen. Denk aan de grote diversiteit aan snacks, kant-en-klare maaltijden en snoepgoed.

Zeker voor kinderen is het lastig om de herkomst van het voedsel dat ze de hele dag nuttigen te achterhalen. Weten ze wat er in een kroket zit? Wat zit er in kauwgom? Waar wordt spaghetti van gemaakt? … Ook de oorspronkelijke smaak is vaak nauwelijks te herkennen. Door allerlei toevoegingen zoals smaakstoffen en conserveringsmiddelen wordt een nieuwe smaak gecreëerd, aangepast aan de behoeften van de consument.

Bron: http://www.leerkracht.nl/show?id=8904

3. Verandering van voedselgewoonten:

In de tijd van jagers en verzamelaars jaagde de mens op wilde dieren en verzamelde hij kruiden en vruchten die in het wild groeiden. Pas toen de mens zich op een vaste plek ging vestigen, begon hij planten te telen en dieren te houden. Later, toen andere delen van de wereld werden ontdekt, werden nieuwe producten meegenomen naar het thuisland. Daardoor verspreidden voedselproducten zich steeds meer over de wereld. Zo kwam het dat de aardappel, die in Zuid-Amerika zijn oorsprong vindt, door de Spanjaarden werd meegenomen naar Europa en in België uitgroeide tot het belangrijkste voedsel. In de laatste eeuw heeft de invoering van buitenlandse producten een hoge vlucht genomen. Tegenwoordig wordt in ieder gezin regelmatig een pizza of stokbrood gegeten, nasi of bami gemaakt, een hamburger gebakken, en veel meer.

Bron: http://www.leerkracht.nl/show?id=8904

4. Herkomst van voedselproducten:

Als je in een supermarkt rondloopt, zie je veel buitenlandse producten in de rekken liggen. Andere producten worden nog in België gemaakt. Bestond de warme maaltijd vijftig jaar geleden nog uit zelfgemaakte soep met groenten uit de tuin, aardappels en vers vlees, vla of yoghurt van de eigen melkfabriek, tegenwoordig is daar weinig meer van terug te vinden op de Belgische eettafel. De Oosterse keuken heeft voorgoed zijn intrede gedaan, de pizzaboer is niet meer weg te denken uit het stadsbeeld, een hamburger is in elk wegrestaurant verkrijgbaar, bij de bakker om de hoek kun je croissants kopen en ook het vlees wordt uit verre landen als Argentinië gehaald. Maak een lijst van de restaurantmenu’s en er zullen niet veel Belgische gerechten op de kaart staan. Slechts hier en daar vind je nog een restaurantje waar Belgische kost wordt geserveerd.

Bron: http://www.leerkracht.nl/show?id=8904

5. Biologisch voedsel, de voordelen:

Biologische productie betekent duurzame productie. Ze voldoet aan economische, ecologische en sociale verwachtingen. De biologische landbouw produceert hoogwaardige voedingsmiddelen zonder residu’s van schadelijke stoffen voor mens en milieu. Een optimale bodemvruchtbaarheid en genetische diversiteit zijn van groot belang. Landbouwhuisdieren moeten hun soorteigen gedrag kunnen uiten. Bij biologisch voedsel is er geen gebruik van pesticiden en wordt mestgebruik beperkt.

Hieronder vindt u een voorbeeld van een groente- en fruitkalender van Velt, de Vaamse Vereniging voor Ecologisch Leven en Tuinieren.

Zie: http://www.velt.be/Joomla/index.php?option=com_content&task=view&id=313&Itemid=137

6. Vlees doet de aarde opwarmen:

Vleesproductie en -consumptie blijven wereldwijd alsmaar stijgen. In 2005 aten we 5 keer meer vlees dan 50 jaar geleden. Met een jaarlijks gemiddelde van 100 kg vlees per persoon is de Belg één van de grootste vleeseters ter wereld. Ter vergelijking: de gemiddelde Nederlander eet 67 kg vlees per jaar per persoon, de gemiddelde Bengaal eet jaarlijks 3 kg vlees. Over het algemeen kan men stellen dat rijke landen ook grote vleeseters zijn. In landen als China en India bijvoorbeeld, waar nooit veel vlees gegeten werd, eet men nu ook steeds meer vlees. We zijn dus gewoon om vlees te eten. Als kind leren we dat vlees noodzakelijk is voor onze gezondheid.

Het omgekeerde is echter waar. Het is noch noodzakelijk om elke dag vlees te eten noch gezond. Zo verhogen sommige vleessoorten (rundvlees, varkensvlees, alsook alle fijne vleeswaren en gezouten vlees) het risico op hart- en vaatziekten. Dezelfde vleessoorten zijn bovendien vaak rijk aan vetten en verhogen dus het aantal tijdens de maaltijd ingenomen calorieën.

Een andere waarheid, die misschien nog minder bekend is bij het grote publiek is de enorme ecologische impact van vlees. Met ecologische impact wordt de impact bedoeld van de vleesproductie op de aarde: het gebruik van vruchtbaar land, zoetwater, …

Enkele cijfers ter illustratie:

• Er is gemiddeld 7 kg soja nodig als veevoeder om 1 kg vlees te produceren.
• Er is gemiddeld 15.000 liter water nodig om 1 kg rundvlees te produceren.
• 40 % van de wereldgraanopbrengst wordt vandaag gebruikt als veevoeder.
• 8 % van al het gebruikte water is bestemd voor de vlees- en zuivelsector.
• 70% van alle landbouwgrond ter wereld wordt gebruikt voor de vlees- en zuivelindustrie.

Door de stijgende vraag is er dringend nood aan landbouwgrond. Omdat die beperkt is, wordt er vandaag op grote schaal bossen gekapt en platgebrand om land vrij te maken voor de productie van veevoeder. Bossen worden dus gekapt om aan de toenemende vraag naar vlees te beantwoorden. Dit maakt dat het aandeel van de vleesindustrie in de opwarming van de aarde 18 % bedraagt. Vlees is dus een grotere schuldige aan de opwarming van de aarde dan het wegvervoer.

Bekijk ook de achtergrondinformatie bij het thema‘weer’ voor meer informatie over de wederzijdse invloeden tussen voeding en klimaat.

Bron: ‘Terra Reversa’ van Peter Tom Jones, uitgeverij EPO, 2009

7. Vijf bijkomende aspecten van vlees:

1) Veel veld voor vlees, weinig veld voor groenten:

De veeteelt gebruikt 30 % van de totale oppervlakte van land van onze aarde. Hierbij gaat het voornamelijk om weiland om de dieren te laten grazen. Daarnaast is er 33 % van de bewerkbare landbouwgrond die voor de productie van veevoer wordt gebruikt. Dit komt overeen met 78% van de totale oppervlakte die voor landbouw gebruikt wordt ter wereld. Deze oppervlakte is wereldwijd 3,3 x groter geworden tussen 1961 en 2001. Dit heeft te maken met de stijging van de vleesproductie waardoor er ook meer vraag is naar veevoer. Daarbij komt dat een groot deel van deze landbouwgronden in ontwikkelingslanden gelegen is.

Bron: “Stijgende vleesconsumptie, het milieu betaalt de prijs”, p. 19-21.

2) Ontbossing:

We hebben dus veel oppervlakte nodig voor veeteelt. Dat betekent dat niet alleen gronden gebruikt worden als weiland om dieren te laten grazen en voor de productie van veevoer, maar ook dat de toenemende vraag naar vlees ontbossing in de hand werkt.

Bronnen: http://www.wwf.be/nl/wat-doet-wwf/bedreigde-regio-s/amazonegebied/bedreigingen/landbouw-en-veeteelt/701
http://www.seniorennet.be/Dossier/Natuurbehoud/amazonegebied_ontbossing.php

3) Meer vlees op ons bord:

“Een gemiddelde Belg consumeert 270 gram vlees per dag. Dit is niet altijd zo geweest, vroeger was vlees een luxeproduct. Gedurende de 20ste eeuw is de vleesconsumptie gestegen van 30kg per persoon in 1919 tot meer dan 100kg per jaar per persoon vandaag.

Bron: “Stijgende vleesconsumptie, het milieu betaalt de prijs”, p. 19-21.

4) Boeren worden van hun land verdreven:

Volgens de Braziliaanse wet moet 80 procent van het bos in de Amazone blijven staan, maar deze wet wordt met voeten getreden. Cargill (Amerikaanse multinational in de agrobusiness) doet zaken met plantages die zijn aangelegd door het bruut onteigenen van de lokale boeren. Mensen worden bedreigd, huizen worden platgebrand en protesten worden met geweld in de kiem gesmoord. De oprukkende sojateelt is de grootste bedreiging van het Amazoneregenwoud.

Bron: http://www.greenpeace.org/belgium/nl/pers/persberichten/cargill-speelt-sleutelrol-bij/

5) Luchtvervuiling, ontbossing en … winden: Er zijn allerlei vervuilende aspecten in het verhaal van veestapel en veevoer.

• Volgens bepaalde studies produceren alle 1,5 miljard runderen in de wereld bijna evenveel broeikaseffect als alle personen- en vrachtauto’s en vliegtuigen ter wereld samen. Of dit klopt, weten we niet. Feit is dat de winden en boeren van al die dieren veel methaan in de atmosfeer jagen. Methaangas is na CO2 het belangrijkste broeikasgas.

• Bomen nemen CO2 uit de atmosfeer op door fotosynthese. Ze houden koolstof vast, zetten die om in organisch materiaal en geven de resterende zuurstof opnieuw vrij. Ook oceanen en graslanden nemen CO2, methaan en andere gassen op die verantwoordelijk zijn voor het broeikaseffect. In het Kyoto-protocol, dat 12 jaar geleden een begin maakte van een beleid tegen de opwarming van de aarde, worden zij samen ‘koolstofputten’ genoemd. Die zijn in staat CO2 op te nemen en te stockeren. Vermits het verdwijnen van bos – voornamelijk tropisch bos – verantwoordelijk is voor 20 % van de uitstoot moeten we maatregelen nemen om de koolstofputten te bewaren.

• De vervuiling van de lucht speelt zich ook af via de verbranding van de bomen en het volledige transportsysteem: boot, vliegtuig, vrachtwagen en auto. Meer informatie hierover bij de achtergrondinformatie bij het thema ‘weer’.

Bron: http://www.evavzw.be/index.php?option=com_content&view=article&id=31&Itemid=598

8. Een kijk op vegetarisme:

Volgens EVA vzw (het Ethisch Vegetarisch Alternatief) zijn er vier goede redenen om vegetariër te zijn:

• voor je gezondheid: teveel vlees leidt tot hart- en vaatziektes,
• voor de dieren, die leven dan stukken langer,
• voor het milieu: veeteelt vraagt veel grond, water en energie, en draagt bij tot ontbossing, bodemerosie, klimaatswijzigingen door het broeikaseffect, vermesting, verzuring, watervervuiling en het verlies aan biodiversiteit, …
• voor je medemens: bijna de helft van alle granen gaat naar … veevoeder, en dus niet naar mensen.

Bron: http://www.vegetarisme.be/index.php?option=com_content&view=article&id=17&Itemid=107